geselecteerd als gefixeerd bericht

Uitgeverij Brantext
Welkom op de weblog van brantext, de uitgeverij van Rina Brants Binnenkort zul je op deze weblog alles kunnen vinden over de uitgaven van brantext. Ook zul je er binnenkort mijn gedichten, enkele korte verhalen en mijn laatste column uit het Haarlems Dagblad aantreffen. Je kunt reageren, informatie aanvragen over het uitgeven van bijvoorbeeld jouw eigen boek en de laatste nieuwtjes bekijken. Veel plezier, Rina Brants

15 November 2006
By on 02:33
columnHD51

ColumnHD51

Talig nieuwjaar

Het is weer oudejaar en terwijl ik, zittend in mijn nog niet helemaal aftandse tweezits-crapaudtje (jawel, met dt) dit schrijf, twijfel ik alweer. Is het nu Oudejaar, Oudjaar of oudejaar. Sinds er het afgelopen jaar weer nieuwe spellingregels zijn bedacht staat alles op losse schroeven. Met ‘oliebol’ kan er niet zoveel mis gaan; dat woord kan zelfs een oliedomme aquarellist nog goed spellen. Maar moeten we nu weer pannekoek of nog steeds pannenkoek schrijven? Om over croque-monsieur maar te zwijgen. Bij het groot dictee der Nederlandse taal dat vorige week gehouden werd hield men zich overigens aan de oude, voorlaatste spelling. Die we dus maar zo gauw mogelijk moeten vergeten. Want niets is betrekkelijker dan taal. Voortaan gaan we als een frxeale spring-in-’t-veld losjes met onze mooie taal om.
Een leuk spelletje overigens voor de oudejaarsavond: wie schrijft het foutlooste Nederlands. Of je nu een boerka draagt, een nymfomane gepiercte lolita of een promiscue oud-Tweede-Kamerlid bent, we moeten allemaal wel eens een sms-je versturen met ons geupdatete gsm’-etje en dat doe je dan toch niet op zijn jan-boerenfluitjes! Tenzij je een gesubsidieerde bohxe9mien bent. Of een mecenas hebt natuurlijk.
Oudejaarsavond, echt een avond om te luiwammesen, de champagnefles te dodijnen in je armen onder het kijken naar een feexebriek vuurwerk en je goede voornemens onder het smyrnatapijtje vandaan te halen. Met een half oog houden we onze twee-eiige tweeling in de gaten die voor de gelegenheid naar een supercommercixeble pulpzender mag kijken.
Een tip voor nog een cultureel spelletje op deze langste avond van het jaar? Kijk dan maar eens hoeveel taalfouten er, ondanks mijn idee-fixe van taalvirtuoos te zijn, nog in deze column zitten.
Ik wens u een talig nieuwjaar!

Rina Brants

4 January 2006
By on 13:20
column49

columnHD49

Succes

Het is weer tijd voor een nieuwe agenda. De oude ligt vol gekrast en beschadigd op mijn bureau. Het jaar is bijna om en de laatste pagina van de agenda 2005 staat al vol met afspraken voor het nieuwe jaar.
Met Sinterklaas kreeg ik van mijn vriendin de Vrouwenagenda 2006. ‘Ik geef je deze agenda vanwege het thema: ‘Succes’, zei ze veelbetekenend. ‘Als je hem soms al hebt, wil ik hem zelf wel.’ Op de cover van de agenda een stralend meisje in een mooie jurk op een podium. Met een soort ‘knix’ neemt ze zo te zien een daverend applaus in ontvangst. Eindelijk nu eens een ‘Succesagenda’ uitgegeven door vrouwentijdschrift Opzij.
Nu is niemand vies van succes zul je denken, maar volgens Cisca Dresselhuys, hoofdredacteur van Opzij, die het voorwoord bij de agenda schreef, geldt dat meestal niet voor vrouwen. Die schrijven hun successen zelden toe aan hun eigen kwaliteiten. In tegenstelling tot mannen die veelal apetrots zijn op hun verdiensten en dat willen weten ook. Die houding van vrouwen moet veranderen, vindt Cisca. Nogal streng schrijft ze dat vrouwen maar eens moeten leren trots te zijn op hun successen en ze niet toe moeten schrijven aan de omstandigheden of een portie geluk.
Overigens is de ‘Bxfchne’ wel degelijk een plek waar vrouwen hun successen ten toon spreiden. Denk aan Cisca’s illustere naamgenoot, de grande diva van het Nederlandse toneel: Mary Dresselhuys. Anders ligt het in de politiek of in de zakenwereld, Daar staan nog steeds weinig vrouwen aan het hoofd. En zij die de top bereiken zullen dat zelden toeschrijven aan hun talenten of doorzettingsvermogen. Bescheidenheid is nog altijd een zeer vrouwelijke deugd.
Dat meisje op de kaft van de vrouwenagenda doet me denken aan mijn eigen jeugd. Ik was leergierig maar dat werd me niet in dank afgenomen door klasgenootjes. Dus hield ik vaak mijn mond maar als ik alweer het antwoord wist op een vraag van juf of meester. Want ik wilde natuurlijk niet buitengesloten worden en als ‘uitslover’ te boek staan. Zo begon het strijdtoneel al vroeg. Ook later merkte ik dat vrouwen soms heel jaloers reageerden als ik ergens succes in had. Want dat mocht natuurlijk niet: je kop boven het maaiveld uitsteken. Ik moest zwak en zielig zijn net als zij want dan konden de vriendinnen zich op me storten en me troosten.
Het komende jaar zal ik er dus iedere dag aan herinnerd worden dat succes geen vies woord is. Ik zal mijn bescheidenheid opzij zetten. Op naar het succes.

Rina Brants

18 December 2005
By on 10:55
foto?

<img src="http://groups.msn.com/_Secure/0TAD*Ai0XioFGzVosQGuCdh2lcO7IMC9cBrl4eQjJ
Iwc1IsNc0Tas3VCso!U920U4zwaj*mccqA2N3lsXz6XzkjR*ex!l6swKQdlyLFWtVSEIJzNmah5o
ew/lilac%2520roller.bmp?dc=4675543753171843325″ alt=”" />


By on 10:54
column48

ColumnHD48

Keuzemoment

Mensen vragen me wel eens: is dat nou niet moeilijk, iedere week een column schrijven? Heb je dan altijd een onderwerp? Ik antwoord dan dat een onderwerp vinden niet het probleem is maar wel, welk thema ik moet kiezen. Dat is iedere keer weer lastig. Er gebeurt namelijk genoeg om me heen. In Haarlemmermeer, in Hoofddorp en in mijn eigen straat. De krant levert ook genoeg stof op om eens kritisch te bekijken. Zo kopte ‘Trouw’ op donderdag: Geen euthanasie met morfine. Nu ben ik niet medisch onderlegd maar zo’n bericht maakt me bang. Moet te zijner tijd een rechter bepalen of ik ‘ondragelijk lijd’? Op dezelfde pagina staat een bericht dat de enigszins neutrale kerstkaart van Het Witte Huis in de VS verkeerd gevallen is. Hou ik eens rekening met alle geloven, moet Bush gedacht hebben, is het wxe9xe9r niet goed. Erg origineel is de kaart niet. Hun optrekje in Washington staat er op. Geen os en ezel maar de hond en de poes en heel veel sneeuw. Heel neutraal, daar kan toch niemand over vallen!
In deze krant een verhaal over het gesteggel tussen de regering en de gemeente Haarlemmermeer over het cellencomplex. Blijft dat nu dicht of gaat het weer open? Ik weet het niet.
Deze ‘tussen sint en kerst’ tijd is ook een soort neutraal niemandsland. Onlangs moest ik een cadeautje kopen voor mijn dochter die half december jarig is. Omdat ik twijfelde over de maat van het kledingstuk dat ze wilde hebben vroeg ik of het geruild kom worden. Dat kon de hele maand verzekerde de verkoopster me. Na de kerst kwam toch iedereen zijn cadeautjes ruilen. Raar eigenlijk. Krijg je met zorg uitgekozen cadeautjes, wil je ze weer ruilen. Verkeerde maat, ok, maar verder….? In onze familie vieren we kerst met geschenken, sinds sinterklaas tot mijn verdriet door mijn nageslacht is afgeschaft. We trekken een lootje, spreken een prijs af en mailen elkaar verlanglijstjes met maten, kleuren enzovoort. Werkt altijd perfect, want, leerden we vroeger: van ruilen komt huilen.
Inmiddels heb ik nog steeds geen keus gemaakt. Zal ik het hebben over de weelderig verlichte kerstkermis bij mij aan de overkant? Maar daar heb ik vorig jaar al over geschreven. In plaats van eentje hebben de buren nu al twee kerstmannen voor de deur staan. Of vertel ik over mijn voornemen dit jaar nu maar eens te wachten met kerstkaarten sturen tot iemand mij er een stuurt. Of stuur ik helemaal niemand meer iets en wacht ik af wie er boos wordt. Een kennis die al jaren niets meer stuurt met de feestdagen vertelde me dat er ieder jaar toch weer een stroom wensen op haar mat valt. De boodschap is kennelijk niet overgekomen.
Ik kan nog steeds niet kiezen. Maar ach, het hoeft al niet meer want deze column is inmiddels af!

Rina Brants

15 December 2005
By on 21:58
column47

ColumnHD47

Terugblikken

Veel mensen hebben de goede gewoonte om tegen het einde van het jaar terug te kijken naar de afgelopen periode. Het is maar goed dat ons leven in stukjes verdeeld is. Zo kunnen je bepaalde gebeurtenissen plaatsen in dxe1t jaar of die maand. Je kunt ook terugblikken op je hele leven. Daar hoef je niet persxe9 oud voor te zijn. Het is altijd zinnig te kijken wat er bereikt is, wat mis ging en waardoor. Leerzaam en boeiend is dat.
Met een moeilijk woord heet terugkijken op je leven Reminiscentie. Nu kun je dat in je eentje doen, bij een borrel op een achternamiddag als de aardappels opstaan, maar soms heeft het zin dat met anderen samen te doen.
Stichting Meerwaarde organiseerde dit najaar een cursus voor senioren met de wat oubollige titel: ‘Wie ik gisteren nog was’. Zeven mensen kwamen wekelijks bij elkaar om te zoeken naar de ‘rode draad’ in hun leven. Al verhalen schrijvend, die ze elkaar voorlazen, haalden ze herinneringen op. Bijvoorbeeld aan hun schooltijd, de tweede wereldoorlog of hun eerste baantje. Dit gebeurde aan de hand van thema’s zoals: kleding, je lievelingsspeelgoed of de speciale geur die in oma’s keuken hing. Behalve die geuren riepen ook spreekwoorden of gezegdes die in een bepaalde familie gebruikt werden, veel op. Er waren prachtige uitspraken bij. Vooral opa’s konden er wat van. ‘Ik ga mijn schoenen maar eens naar huis brengen’, zei de opa van een van de cursisten als hij na een bezoekje weer weg ging. Of, na een onbevredigend bezoek aan het toilet: ‘Ach, poep je niet dan rust je toch!’ Een andere opa had wel een hele fraaie. Als hem gevraagd werd waar hij heen ging zei hij steevast: ‘Naar Froetie Froetie in de Lakrezijnstraat’. Nooit is de vertelster erachter gekomen wie of wat Froetie Froetie was en de Lakrezijnstraat bleek helemaal niet te bestaan.
Dat gezegdes heel onderdrukkend kunnen zijn bleek uit het verhaal van een ‘kind van toen’ die door haar vader met bijbelteksten om de oren geslagen werd. Niets tegenin te brengen, toch? Vader en God hadden altijd gelijk. En wat moet je met een moeder die altijd herhaalt: ‘Dat heb ik nooit gezegd’. Zo’n kind moet zich toch zijn leven lang een leugenaar voelen! Nog een hele dreigende: ‘Als je stout bent breng ik je naar het luciferkoppengesticht’.
De ‘rode draad’ mag dan een houvast zijn voor de beginnende autobiograaf, soms blijkt het een welhaast wurgend touw. Zoals voor de moeder die al vijfenveertig jaar haar gehandicapte kind verzorgt. Dag en nacht, zeven dagen per week. Schrijven kan dan een enorme uitlaatklep zijn.
Overigens vonden wetenschappers vroeger dat terugkijken, met name door oudere mensen, ongezond was. De bekende psychiater Sigmund Freud vond het maar tijdverspilling. Hoewel hij toen hij zelf ouder werd, er toch wel het nut van schijnt te hebben ingezien. Tegenwoordig ziet men het als een manier om positiever tegen het leven aan te kijken en helpt het depressies tegen te gaan. De zeven leden van de Hoofddorpse schrijfgroep zijn in ieder geval vast besloten door te gaan met schrijven. Want, wie schrijft die wxe1s niet alleen, die blijft!

Rina Brants
[img]

6 December 2005
By on 14:16
terugblikken

ColumnHD47

Terugblikken

Veel mensen hebben de goede gewoonte om tegen het einde van het jaar terug te kijken naar de afgelopen periode. Het is maar goed dat ons leven in stukjes verdeeld is. Zo kunnen je bepaalde gebeurtenissen plaatsen in dxe1t jaar of die maand. Je kunt ook terugblikken op je hele leven. Daar hoef je niet persxe9 oud voor te zijn. Het is altijd zinnig te kijken wat er bereikt is, wat mis ging en waardoor. Leerzaam en boeiend is dat.
Met een moeilijk woord heet terugkijken op je leven Reminiscentie. Nu kun je dat in je eentje doen, bij een borrel op een achternamiddag als de aardappels opstaan, maar soms heeft het zin dat met anderen samen te doen.
Stichting Meerwaarde organiseerde dit najaar een cursus voor senioren met de wat oubollige titel: ‘Wie ik gisteren nog was’. Zeven mensen kwamen wekelijks bij elkaar om te zoeken naar de ‘rode draad’ in hun leven. Al verhalen schrijvend, die ze elkaar voorlazen, haalden ze herinneringen op. Bijvoorbeeld aan hun schooltijd, de tweede wereldoorlog of hun eerste baantje. Dit gebeurde aan de hand van thema’s zoals: kleding, je lievelingsspeelgoed of de speciale geur die in oma’s keuken hing. Behalve die geuren riepen ook spreekwoorden of gezegdes die in een bepaalde familie gebruikt werden, veel op. Er waren prachtige uitspraken bij. Vooral opa’s konden er wat van. ‘Ik ga mijn schoenen maar eens naar huis brengen’, zei de opa van een van de cursisten als hij na een bezoekje weer weg ging. Of, na een onbevredigend bezoek aan het toilet: ‘Ach, poep je niet dan rust je toch!’ Een andere opa had wel een hele fraaie. Als hem gevraagd werd waar hij heen ging zei hij steevast: ‘Naar Froetie Froetie in de Lakrezijnstraat’. Nooit is de vertelster erachter gekomen wie of wat Froetie Froetie was en de Lakrezijnstraat bleek helemaal niet te bestaan.
Dat gezegdes heel onderdrukkend kunnen zijn bleek uit het verhaal van een ‘kind van toen’ die door haar vader met bijbelteksten om de oren geslagen werd. Niets tegenin te brengen, toch? Vader en God hadden altijd gelijk. En wat moet je met een moeder die altijd herhaalt: ‘Dat heb ik nooit gezegd’. Zo’n kind moet zich toch zijn leven lang een leugenaar voelen! Nog een hele dreigende: ‘Als je stout bent breng ik je naar het luciferkoppengesticht’.
De ‘rode draad’ mag dan een houvast zijn voor de beginnende autobiograaf, soms blijkt het een welhaast wurgend touw. Zoals voor de moeder die al vijfenveertig jaar haar gehandicapte kind verzorgt. Dag en nacht, zeven dagen per week. Schrijven kan dan een enorme uitlaatklep zijn.
Overigens vonden wetenschappers vroeger dat terugkijken, met name door oudere mensen, ongezond was. De bekende psychiater Sigmund Freud vond het maar tijdverspilling. Hoewel hij toen hij zelf ouder werd, er toch wel het nut van schijnt te hebben ingezien. Tegenwoordig ziet men het als een manier om positiever tegen het leven aan te kijken en helpt het depressies tegen te gaan. De zeven leden van de Hoofddorpse schrijfgroep zijn in ieder geval vast besloten door te gaan met schrijven. Want, wie schrijft die wxe1s niet alleen, die blijft!

Rina Brants

4 December 2005
By on 16:20
columnHD45

ColumnHD45

Verjaarspartijtjes

We schrijven 16 november 1855. In huize ‘Overlaan’, een statig gebouw aan de huidige van Mellelaan in Heemstede zitten een aantal deftige heren op hooggerugde trijpen stoelen rond een eikenhouten tafel. Het zijn ‘vroede vaderen’, die de kersverse gemeenteraad vormen van de net drooggelegde Haarlemmermeer. Voorzitter moet Mr. M.S.P Pabst geweest zijn, burgemeester van Heemstede en sinds 14 september 1855 ook van Haarlemmermeer.(Bron: het boekje: ‘Uit water gewonnen’) Misschien geselden toen ook hagelbuien het vlakke polderland net als op 16 november 2005, de honderdvijftigste verjaardag van de gemeente Haarlemmermeer. Hadden ze in 1855 ook zo’n mooie lange nazomer en viel de winter de mensen toen ook zo koud op het dak?
Die gemeenteraad had nog geen eigen raadhuis dus vergaderde men in Heemstede. In de Haarlemmermeerpolder hadden jarenlang polderjongens gebivakkeerd. Zij ontgonnen de polder met hun blote handen en hun schoppen. Ze woonden in schamele hutten, waar ze zich warm hielden met jenever, werden bedreigd door cholera en hun karig maal aanvulden met zelf geschoten muskusratten. Na de drooglegging schoten echter in snel tempo nederzettingen uit de klei. In die eerste gemeenteraad zal vast geen polderjongen gezeten hebben. Vergaderen over waterbeheer en verkaveling deden de notabelen. Na afloop van die gedenkwaardige raadsvergadering zullen ze zich wel naar het ‘Wapen van Heemstede’ hebben begeven voor een borrel, waarna ze op hun paard sprongen om zich naar hun woonstee in Haarlem of Leiden te spoeden.
Inmiddels zijn we terug in 2005. De gemeenteraad van Haarlemmermeer viert het 150-jarig bestaan van de gemeente. Op 16 november is de burgerzaal van het Hoofddorpse raadhuis versierd met ballonnen. Enkele politieke partijen hebben dit gebeuren georganiseerd. Het is een feest voor alle burgers want de gemeente is jarig en wil dat weten. Er zijn gratis drankjes. Er staan geen muskusratten op het menu maar gevulde eieren en zalm. Er wordt breed uitgepakt maar slechts een aantal burgers trotseert de hagelbuien. De huidige polderjongens en meisjes zitten blijkbaar liever voor de buis.
Toch zijn er blijkbaar nog steeds notabelen in de polder. Zo werden burgemeester Fons Hertog, enkele VVD wethouders en nog een paar belangrijke figuren uitgenodigd voor een exclusief verjaarspartijtje georganiseerd door de Rabobank. Reden voor de fracties van Groen Links, Partij van de Arbeid, D’66, Christen Unie/SGP en Leefbaar Haarlemmermeer een alternatief feestje te organiseren, maar dan bestemd voor iedereen.
Toch verschijnt de burgemeester later op de avond ook in het raadhuis waar hij ongedwongen achter de vleugel plaatsneemt om met een jazzband mee te spelen. Welk feestje zou hij het leukst gevonden hebben?

Rina Brants

20 November 2005
By on 20:31
uitgave boek met columns van Rina Brants

Boek met columns nu al te bestellen!

Begin december 2005 rolt mijn boek met columns van de persen. Deze columns verschenen tussen oktober 2004 en oktober 2005 in de Haarlemmermeerse editie van het Haarlems Dagblad.
Het boek, gebonden en met full-coloromslag (winkelprijs € 15,-) is in de voorverkoop verkrijgbaar voor € 10,- De gehele opbrengst van het boek is voor het Jeannette Noelhuis dat werkt voor de opvang van vluchtelingen en asielzoekers.
De presentatie van het boek is op 10 december 2005 in het Haarlemmermeers Historisch Museum. Tijden: 16.00 uur tot 18.00 uur. Iedereen welkom.
Het boek is te bestellen onder ISBN 9080978221 o.v.v. ‘columns’ Rina Brants

15 November 2005
By on 16:28
column44

ColumnHD44

Hangouderen

Sinds Albert Einstein weten we dat alles relatief is. Aan zijn relativiteitstheorie moest ik denken toen ik in de krant een bericht las over hangouderen. Nee, het is geen grap. Hangouderen zijn, na het inmiddels ingeburgerde begrip hangjongeren een serieuze doelgroep geworden. Nu zijn oud en jong per definitie relatieve begrippen. Om een clichxe9 te gebruiken: je bent net zo oud (of jong) als je je voelt. Ik voelde me als 65-plusser dan ook totaal niet aangesproken door het woord ‘hangoudere’. Op de website van het Nationaal Fonds Ouderenhulp las ik dat er zelfs al een naam is voor de officixeble plekken waar senioren lekker kunnen ‘hangen’ : hang-ouds. Op een foto op die site is een soort rugsteuntje te zien waar men met een rollator tegen aan kan hangen. In Eindhoven schijnt de eerste hang-oud binnenkort een feit te worden.
De hele commotie over hangouderen is in een stroomversnelling geraakt door berichten over het wegsturen van groepen senioren uit een winkelcentrum in Oude Pekela. Hetzelfde gebeurde met ouderen die in een vestiging van Mc Donalds in Almere-Stad hun kopje koffie zaten te drinken en te lang bleven ‘hangen’ volgens de bedrijfsleider. In Oude Pekela sprak men zelfs al van een samenscholingsverbod. Hoe halen die winkeliers het in hun hoofd, dacht ik. Het lijkt wel oorlog. Straks komt er nog een avondklok voor ouderen.
Ik vraag me overigens af wat weldenkende ouderen te zoeken hebben bij zo’n fast-food restaurant als Mc Donalds. De hamburgers zijn slecht voor je cholesterol en de koffie is er zeker niet goedkoper dan elders. Iedereen weet dat dergelijke bedrijven niet bekend staan om hun goede arbeidsomstandigheden en, althans in Almere, zijn ze dus ook al niet klantvriendelijk..
Om eens te onderzoeken hoe het in Haarlemmermeer gesteld is met ontmoetingsplekken voor senioren ging ik naar mijn eigen ‘hangplek’, de koffieshop van de Hoofddorpse Hema. Voor nog geen drie euro krijg je daar een uitstekend kopje koffie met heerlijk gebak. Daar hoef je echt niet voor thuis te blijven. Een ideale hang-oud waar naast winkelende huisvrouwen veel ouderen zitten. Ik nam mijn plekje in aan de grote ronde tafel achterin. Ik zat er warm en droog en had een goed overzicht. Kijk, dacht ik, dat zou nu een goede hangplek voor ouderen zijn. Niet allemaal apart aan een tafeltje maar gezellig samen aan de grote tafel om de dag door te nemen. Niemand die je wegjaagt als je te lang blijft zitten. Ik bracht er zeker een uur door, al sms-end en schrijvend aan deze column. Toen ik eindelijk wegging wenste het buffetmeisje me vriendelijk: Nog een prettige dag!

12 November 2005
By on 21:26